MOCA-borstkliniek_HR.jpg

Inflammatoire borstkanker (IBC) zorgt voor 10% van de sterfgevallen door borstkanker. In het UZA doen we onderzoek om hier verandering in te brengen. We willen IBC beter begrijpen en nieuwe behandelingen ontwikkelen.

Wat is inflammatoire borstkanker (IBC)?

Inflammatoire borstkanker (IBC) is een zeldzame maar uiterst agressieve vorm van borstkanker. 
Hoewel slechts 1 - 3% van alle borstkankerpatiënten deze diagnose krijgt, is IBC verantwoordelijk voor bijna 10% van de sterfgevallen door borstkanker.

De ziekte treft vaak jongere vrouwen, ontwikkelt zich razendsnel en wordt vaak pas ontdekt als er al uitzaaiingen zijn. Ondanks intensieve behandelingen blijft de kans op genezing veel te klein: minder dan de helft van de patiënten overleeft vijf jaar na de diagnose. 

Waarom is onderzoek naar IBC zo belangrijk?

De afgelopen tien jaar is de prognose van IBC nauwelijks verbeterd en er bestaat nog steeds geen specifieke behandeling. Daar willen wij verandering in brengen. Ons team in het UZA werkt samen met de Universiteit Antwerpen en internationale partners om IBC beter te begrijpen en nieuwe behandelingen te ontwikkelen. Door zijn uitzonderlijk agressieve gedrag vormt IBC bovendien een uniek model om de onderliggende mechanismen van agressieve borstkanker in het algemeen te ontrafelen en zo bredere doorbraken voor alle borstkankers mogelijk te maken.

Wat maakt ons onderzoek uniek?

We focussen op twee complementaire onderzoekslijnen: 
•    Patiënt-afgeleide organoïden: dit zijn mini-tumoren die in het laboratorium worden gekweekt uit het weefsel van echte patiënten, waardoor we nieuwe behandelingen sneller, persoonlijker en gerichter kunnen testen.
•    Het immuunsysteem: we bestuderen hoe het immuunsysteem bij IBC soms de tumor niet bestrijdt, maar net ondersteunt in zijn groei. Door beter te begrijpen hoe afweercellen functioneren, kunnen we nieuwe therapeutische strategieën ontwikkelen.

Met geavanceerde technieken brengen we in kaart hoe kankercellen en immuuncellen samenwerken. Zo ontwikkelen we nieuwe behandelingen, krijgen we inzicht in de agressiviteit van IBC en openen we perspectieven om het ontstaan van de ziekte in de toekomst te voorkomen.

Ons onderzoek staat bovendien niet op zichzelf. We bouwen actief aan sterke internationale samenwerkingen. Vandaag nemen wij een leidende rol op in het nieuwe Europese IBC-consortium (EuroIBC), waarin we stalen uit heel Europa systematisch zullen verzamelen en analyseren. 
 

Hoe willen we IBC-tumoren verder in kaart brengen?

Eerste analyses hebben al nieuwe aanknopingspunten voor behandelingen opgeleverd, zoals de manier waarop macrofagen (een type immuuncel die zich in IBC anders gedraagt) de groei van kankercellen stimuleren en therapieresistentie veroorzaken. Met moderne technieken brengen we nu verder in kaart hoe kankercellen samenwerken met afweercellen.

De technologieën die we hierbij inzetten zijn:
•    Digitale beeldanalyse: met slimme software kunnen we tumorcoupes scannen en exact berekenen waar “hotspots” van immuuncellen zich bevinden. 
•    Spatial transcriptomics: hiermee brengen we in kaart waar in de tumor bepaalde cellen en genen zitten. Zo kunnen we precies zien welke immuuncellen samenwerken met kankercellen, en welke combinaties leiden tot therapieresistentie. 
•    Single-cell RNA-sequencing: hiermee bekijken we per afzonderlijke cel welke genen actief zijn. Zo ontdekken we welke immuuncellen of kankercellen de tumor agressiever maken.

Dankzij deze technieken kunnen we de tumor zien als een kaart, met buurten waar immuuncellen en kankercellen elkaar beïnvloeden (zie figuur).
 

Wat is er reeds gebeurd en waar willen we naartoe?

In het lopende onderzoek van dr. Christophe Van Berckelaer (o.l.v. diensthoofd oncologie prof. dr. Hans Prenen) maken we gebruik van de geavanceerde techniek, spatial transcriptomics, om weefselstalen van 8 patiënten met IBC te bestuderen. Met deze technologie kunnen we precies zien welke cellen aanwezig zijn, waar ze zich in de tumor bevinden, en welke genen in die cellen actief zijn.

We willen onze studie nu graag verdubbelen van 8 naar 16 patiënten, zodat we verschillende types IBC (ER-positief, HER2-positief en triple-negatief) kunnen vergelijken. Dit bredere perspectief zal ons helpen om
•    te begrijpen hoe het immuunsysteem zich in elk subtype gedraagt.
•    te bepalen hoe bepaalde immuuncellen (nl. macrofagen en B-cellen) de tumormicro-omgeving beïnvloeden en bijdragen aan therapieresistentie.
•    nieuwe aangrijpingspunten voor therapieën te ontdekken die het immuunsysteem kunnen herprogrammeren om IBC beter te bestrijden.