Alles wat u wilde weten over parkinson - interview

De ziekte van Parkinson is na alzheimer de meest voorkomende neurodegeneratieve aandoening. Naar schatting 50.000 landgenoten hebben de diagnose gekregen en dat aantal zal in de toekomst alleen maar toenemen. Wereldwijd is de ziekte namelijk aan een opmars bezig, en – opmerkelijk – ze treft ook almaar meer jonge mensen. Waarom dat zo is, is nog grotendeels een raadsel.

 

Dit artikel is geschreven door
Welke ravage parkinson in zowel lichaam als geest kan aanrichten, hoe patiënten zo lang mogelijk een goede of betere levenskwaliteit kan worden gegeven en hoe hard we na enkele belangrijke wetenschappelijke doorbraken mogen hopen op een geneesmiddel of therapie die de nog vaak onderschatte ziekte – een aandoening die qua wreedheid met de ziekte van Alzheimer kan wedijveren – kan genezen of voorkomen, wordt ons toegelicht door Femke Dijkstra, neuroloog aan het UZA.
FEMKE DIJKSTRA «Bij de ziekte van Parkinson stapelen zich eiwitten in het brein op, onder andere in de hersengebieden die dopamine aanmaken. Dopamine is een neurotransmitter die onder meer een rol speelt bij beweging. Als de hersencellen die die boodschapperstof produceren, afsterven door die eiwitopstapeling, kan dat motorische stoornissen veroorzaken. Dat zijn de typische parkinsonklachten zoals stijfheid, traagheid en beven.
‘De ziekte zit waarschijnlijk al een hele tijd in het lichaam vóór de diagnose wordt gesteld, zelfs tot twintig jaar vóór de klachten optreden.’
»Omdat het oorspronkelijk beschreven werd als een aandoening die problemen geeft met beweging, is bij parkinson heel lang de nadruk gelegd op die klachten, maar inmiddels weten we dat de ziekte veel uitgebreider is en dat ze ook veel niet-motorische problemen veroorzaakt. In het begin van deze eeuw is via weefselonderzoek aangetoond dat de eiwitten niet alleen in de gebieden zitten die dopamine aanmaken, maar ook in andere delen van de hersenen, en soms zelfs buiten de hersenen. Bij sommige patiënten begint de eitwitopstapeling dan weer elders in het lichaam en gaat ze langzaam naar de hersenen.»

HUMO Het doet denken aan de eiwitopstapeling die ook bij de ziekte van Alzheimer een rol speelt.

DIJKSTRA «Het zijn allebei aandoeningen die veroorzaakt worden door een abnormale eiwitopstapeling. Het verschil is dat bij de ziekte van Parkinson andere eiwitten betrokken zijn dan bij alzheimer. Er worden andere hersengebieden getroffen en patiënten krijgen andere klachten.»

HUMO Weten we ook hoe en waarom die eiwitopstapelingen ontstaan?

DIJKSTRA «Als we dat zouden weten, zouden we hopelijk ook weten hoe we de ziekte kunnen genezen. We denken nu dat er veel verschillende oorzaken zijn die tot die eiwitopstapeling kunnen leiden. Bij bepaalde groepen patiënten spelen genetische factoren een duidelijke rol. Er wordt nu ook gekeken naar de rol van omgevingsfactoren als pesticiden, en zelfs virussen zouden het proces kunnen aanwakkeren. Omdat parkinson op zoveel verschillende manieren kan ontstaan, is het zeer moeilijk om één specifieke behandeling te vinden die voor alle patiënten werkt.»

‘Bij patiënten die blijven sporten en mentaal en sociaal actief blijven, is het ziekteverloop over het algemeen milder.’
HUMO Wat weten we al zeker over het verband tussen parkinson en de blootstelling aan pesticiden? De ziekte komt vaker voor bij boeren en tuinders, maar dat is volgens sommigen nog geen keihard bewijs.

DIJKSTRA «Dat verband is erg duidelijk, hoor. Er is aangetoond dat bepaalde pesticiden zenuwcellen kunnen aantasten. In sommige landen, zoals Frankrijk, is parkinson al jaren erkend als beroepsziekte bij landbouwers. De grote vraag is welke stoffen parkinson kunnen veroorzaken, en in welke doses. Een aantal bestrijdingsmiddelen die met de ziekte van Parkinson in verband werden gebracht, heeft de EU intussen wel verboden. Of mensen die in de buurt van landbouwgebied wonen en blootgesteld worden aan pesticiden, ook de ziekte kunnen krijgen, is veel minder duidelijk.»

HUMO Ook bij ons wordt op vraag van minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) uitgezocht of er een verband is.

DIJKSTRA «Dat is heel belangrijk, omdat we wereldwijd zien dat de ziekte van Parkinson toeneemt, en ook op steeds jongere leeftijd voorkomt. Als het om omgevingsfactoren zou gaan, kunnen we nagaan of die te elimineren zijn.»

HUMO Zware metalen in het milieu zouden eveneens het risico op parkinson verhogen.

DIJKSTRA «Er wordt inderdaad een verband gelegd tussen zware metalen en neurologische aandoeningen in het algemeen. Mensen die veel met zware metalen in aanraking geweest zijn, kunnen parkinsonachtige klachten krijgen, zonder dat het om de ziekte van Parkinson gaat. Daarover is nog veel onbekend.»

HUMO Volgens sommigen zou er ook een link zijn tussen luchtvervuiling en parkinson, maar daarvoor is nog onvoldoende bewijs.

DIJKSTRA «Klopt. Het probleem is dat dat soort verbanden heel moeilijk aan te tonen is, omdat we aan van alles en nog wat worden blootgesteld en het zeer lastig uit te maken is wat de precieze invloed van welke specifieke factoren is. Dat er onvoldoende bewijs is voor een verband, betekent niet automatisch dat er geen verband is. Het kan ook zijn dat het nog niet goed is onderzocht.»

‘Het aantal gevallen stijgt wereldwijd, en de patiënten zijn almaar jonger.’
HUMO Parkinson neemt wereldwijd toe, zei u. Gaat het om een onrustwekkende stijging?

DIJKSTRA «Er is echt een significante toename. Daarvoor zijn er waarschijnlijk meerdere redenen. Ten eerste worden mensen ouder, en parkinson treedt vaker op gevorderde leeftijd op. De zorg voor mensen met parkinson is ook verbeterd, waardoor ze langer blijven leven, wat natuurlijk een goede ontwikkeling is. Maar zelfs als je die twee factoren in rekening brengt, is dat onvoldoende om de stijging in zijn geheel te verklaren.»

HUMO Er zijn ook almaar meer aanwijzingen dat hoofdletsels en hersenschuddingen het risico op parkinson kunnen verhogen. De ziekte wordt opvallend vaak vastgesteld bij voormalige American footballspelers. En velen herinneren zich de beelden van de bevende en in 2016 overleden bokser Muhammad Ali.

DIJKSTRA «Er is de laatste jaren gelukkig meer aandacht voor milde traumatische hersenletsels. We hebben het dan niet over hersenbloedingen die je op een scan kunt zien, maar over kleinere hoofdtrauma’s. Die werden altijd als vrij onschuldig beschouwd, maar daarvan wordt nu toch duidelijk dat ze op langere termijn de kans op problemen met de motoriek, geheugenklachten en neurodegeneratieve ziekten verhogen. En dus ook op parkinson.»

HUMO In welke mate spelen erfelijke factoren een rol?

DIJKSTRA «Bepaalde genen vergroten de kans dat je in de loop van je leven de ziekte ontwikkelt. Dat je die krijgt, is nooit voor 100 procent zeker, maar wel erg waarschijnlijk. We horen van patiënten, vaak mensen die het al op relatief jonge leeftijd krijgen, dat hun opa, hun vader of hun oom het ook had.

»Je kunt één of meerdere genen hebben die het risico op parkinson verhogen, zonder dat die genen op zichzelf voldoende zijn om de ziekte verklaren. Dan leidt de combinatie met omgevingsfactoren ertoe dat het ene familielid het wel krijgt en het andere niet. Bij die patiënten komt het in de familie meer dan gemiddeld voor.»

HUMO Parkinson staat bekend als een ouderdomsziekte, maar mensen kunnen het ook op jongere leeftijd krijgen.

DIJKSTRA «Veruit de meeste mensen ontwikkelen de ziekte boven de 55 jaar. We weten wel dat de ziekte waarschijnlijk al een hele tijd in het lichaam zit vóór de diagnose wordt gesteld, zelfs tot twintig jaar vóór de klachten optreden.»

‘Thee heeft een beschermend effect tegen parkinson. Koffie ook, maar niet van die orde dat ik patiënten standaard adviseer om een paar koppen per dag te drinken.’

HUMO Wat zijn de meest voorkomende klachten? En duiken ze in een bepaalde volgorde op?

DIJKSTRA «De volgorde kan erg verschillen per patiënt. Er zijn er bij wie de ziekte met niet-motorische klachten begint. Vaak zijn dat slaapproblemen en problemen met plassen, de stoelgang of de darmen. Dat komt omdat het autonome zenuwstelsel (dat processen in het lichaam regelt waar we niet bewust over nadenken, zoals de ademhaling, de hartslag en de spijsvertering, red.) minder goed functioneert. Ze kunnen ook al jaren aanwezig zijn vóór er motorische problemen opduiken.

»Er zijn ook patiënten bij wie het begint met beven en andere motorische problemen, en bij wie de andere klachten pas later komen. In een gevorderde fase kunnen er ook geheugenklachten optreden.»

HUMO Nog een herkenbaar symptoom is dat de stem verandert.

DIJKSTRA «Patiënten gaan inderdaad vaak zachter, monotoner en met een lagere stem spreken.»

HUMO Vaak hebben ze aan één kant van het lichaam meer problemen dan aan de andere kant. Weten we hoe dat komt?

DIJKSTRA «Daar bestaan een aantal hypotheses over. Een vrij belangrijke theorie is de zogenaamde brain-first- versus body-first-hypothese. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen twee types parkinson: bij body-first-parkinson begint de ziekte in het perifere zenuwstelsel (het netwerk van zenuwbanen waarlangs signalen van en naar het centrale zenuwstelsel lopen en dat onder meer een rol speelt bij beweging, pijnbeleving en andere zintuiglijke ervaringen, red.) en komt ze via de darmzenuwen de hersenen binnen. Dat zijn de mensen die eerst last krijgen van slaapproblemen en van de darmen.

»Bij patiënten met brain-first-parkinson start het in de hersenen en beginnen de motorische klachten aan één kant van het lichaam. De andere klachten verschijnen pas later.»

HUMO Een ander zeer typisch symptoom van parkinson is dat de reukzin verslechtert of zelfs volledig verdwijnt.

DIJKSTRA «Dat komt doordat niet alleen de reukzenuw is aangetast, maar ook de hersengebieden die betekenis geven aan wat de reukzenuw oppikt. Bij reuktesten zien we dat mensen de geur niet meer goed binnenkrijgen, maar ook dat ze soms wel ruiken, maar niet meer precies kunnen benoemen wat ze ruiken.»

TRAGER DENKEN

HUMO Klopt het dat de ziekte een onvoorspelbaar verloop kent en patiënten een tijd achteruit kunnen gaan, dan weer stabiel blijven en plots sterk verslechteren?

DIJKSTRA «De ziekte zelf evolueert in principe heel langzaam over een periode van jaren heen. Als iemand goed reageert op medicatie, kan zijn toestand een tijd stabiel blijven. Als de patiënt daarna achteruitgaat, kunnen we de medicatie aanpassen en kan het nog een tijdje wat beter gaan.

»Wat het verloop van de ziekte in negatieve zin kan beïnvloeden, zijn bijkomende aandoeningen. Als iemand zowel parkinson heeft als een vorm van diabetes die niet goed te reguleren is, zal de ziekte sneller verslechteren. En soms lopen mensen in een gevorderde fase van parkinson een ontsteking op, een longontsteking bijvoorbeeld, dan zien we toch een knik. Als de ontsteking geneest, herstelt de patiënt niet meer tot het oude niveau. Hetzelfde als iemand valt en iets breekt: ook dan zien we een snelle verslechtering.»

Ozzy Osbourne, één van de bekendste parkinsonpatiënten ter wereld: ‘Het bijzondere aan zijn vorm van parkinson is dat de ziekte zich vaak op zeer vroege leeftijd uit, soms zelfs al in de tienerjaren.’

HUMO Bij sommige patiënten blijft de de ziekte in een vroeg stadium steken en ontwikkelt ze zich niet verder, terwijl anderen heel snel niet meer zelfstandig kunnen lopen.

DIJKSTRA «Het is inderdaad een breed spectrum: sommige mensen zie ik één keer per jaar om de medicatie te verlengen, anderen zijn bij elke consultatie flink achteruitgegaan. Dat komt omdat we nu nog praten over dé ziekte van Parkinson, maar waarschijnlijk is het een verzamelnaam voor een aantal verschillende aandoeningen die allemaal verschillende uitlokkende factoren hebben, en daardoor ook een ander ziekteverloop.»

HUMO De onlangs overleden Ozzy Osbourne, één van de bekendste parkinsonpatiënten ter wereld, had een zeer zeldzame genetische vorm van parkinson.

DIJKSTRA «Het ging om een vorm waarbij door een foutje in een bepaald gen beschadigde eiwitten minder goed herkend en afgebroken worden, met eiwitopstapeling tot gevolg. Het bijzondere aan die vorm van parkinson is dat de ziekte zich vaak op zeer vroege leeftijd uit, soms zelfs al in de tienerjaren. Over het algemeen is het ziekteverloop traag. Wel komen bij deze variant vaker verkrampingen voor.»

HUMO Dat kans dat je in een latere fase van de ziekte ook dementie krijgt, is vrij groot.

DIJKSTRA «Een belangrijk deel van de patiënten ontwikkelt uiteindelijk dementie. Het is wel anders dan bij de ziekte van Alzheimer: bij parkinson gaat de patiënt almaar trager denken.»

STROOM IN HET HOOFD

HUMO Hoe wordt de diagnose gesteld? Er bestaat namelijk geen scan of test waarmee je de ziekte kunt opsporen.

DIJKSTRA «Uit een lichamelijk onderzoek moet blijken dat er sprake is van traagheid en stijfheid van bewegen of een tremor. Er zijn voorts ondersteunende criteria, zoals een aangetaste reukzin. Soms doen we een hersenscan, maar dat is vooral om andere dingen uit te sluiten.

»Er wordt wel gewerkt aan biologische diagnostische criteria: dan zou je in de toekomst aan de hand van een ruggenprik, een bloedonderzoek of een hersenscan de ziekte kunnen vaststellen.»

‘De medicatie kan leiden tot impulsaankopen, maar ook tot een gok- of seksverslaving.’

HUMO Parkinson is ongeneeslijk, maar er zijn wel behandelingen die de progressie kunnen afremmen.

DIJKSTRA «Het meest gebruikte en krachtigste medicament is levodopa, een stof die in het brein in dopamine wordt omgezet. De medicatie verhoogt de hoeveelheid dopamine in het brein, waardoor de stijfheid, de traagheid en soms ook het trillen wat afneemt.

»Er zijn ook medicijnen, de zogenaamde dopamine-agonisten, die de werking van dopamine nabootsen. Als patiënten niet goed reageren op levodopa of het middel weinig effect heeft, kunnen ze daar baat bij hebben. Andersom kan ook, en soms combineren we beide, bijvoorbeeld wanneer de klachten erger worden als de patiënt al een tijdje één type medicatie krijgt.»

HUMO De medicatie kan flinke bijwerkingen hebben: sommige patiënten krijgen last van hallucinaties, of gok- en andere verslavingen of ongeremd gedrag. Dat komt wellicht omdat die medicatie inwerkt op het dopaminesysteem, dat onder meer een rol speelt bij beloning?

DIJKSTRA «Die bijwerkingen zien we met name bij de dopamine-agonisten. Die kunnen bij een klein percentage van de patiënten zogenaamde impulscontrolestoornissen geven. Soms zijn die mild en gaat iemand die graag shopt ineens impulsaankopen doen, maar in extreme gevallen kan het zich ook uiten in een gok- of een seksverslaving.

»We vermelden die mogelijke bijwerkingen altijd als we de medicatie opstarten, omdat mensen zelf niet de link leggen, maar bij het merendeel van de patiënten gaat het in principe goed.»

HUMO Soms krijgen patiënten een pompje ingeplant waarmee de medicatie automatisch wordt toegediend.

DIJKSTRA «Bij een deel van de patiënten zien we dat de medicatie na verloop van tijd minder stabiel werkt. Het duurt langer voor ze inwerkt en ze is ook veel sneller uitgewerkt. Als je de dosis verhoogt, krijgen mensen wat wij motorfluctuaties noemen: dan is iemand het ene moment heel stijf en traag, voelt die zich het andere moment goed en op weer andere momenten is de persoon overbeweeglijk. Je kunt de medicatie wel vaker geven, maar bij sommige mensen moet je dat op een gegeven moment zo vaak doen dat het onwerkbaar wordt. In zo’n geval zijn er twee opties: een pompje kan via de darm of, minder invasief, door de huid continu de medicatie afgeven, ofwel gaan we over tot diepe hersenstimulatie of DBS.

»Bij DBS wordt aan beide kanten van de hersenen een elektrode ingebracht die een invloed heeft op de hersencircuits die de motoriek regelen. Die elektroden zijn verbonden met een onderhuidse stimulator ter grootte van een luciferdoosje, dat in de borst wordt ingeplant. Je zou het kunnen omschrijven als een soort pacemaker voor het brein. De elektrische stimulatie van de hersencellen is stabieler dan een pil, omdat ze continu werkt. Met DBS kunnen we vaak ook een belangrijk deel van de medicatie afbouwen.»

HUMO Een redelijk nieuwe vorm van DBS is adaptieve diepe hersenstimulatie of aDBS, een meer gepersonaliseerde therapie.

DIJKSTRA «Bij de klassieke DBS-behandeling stelt de arts een bepaalde hoeveelheid stroom in die de hele dag continu wordt afgegeven. Dat is een beetje kunstmatig, omdat de stimulatie die mensen nodig hebben varieert. Als je een wandeling maakt, zul je meer stimulatie nodig hebben dan wanneer je slaapt.

»Er bestaan nu ook elektrodes die hersensignalen niet alleen kunnen stimuleren, maar ook registreren. De afgelopen jaren is onderzocht of klachten van patiënten gekoppeld kunnen worden aan signalen die meetbaar zijn via die elektroden. Bij adaptieve DBS wordt de hoeveelheid stimulatie afgestemd op de hersensignalen die het systeem meet. Er wordt het ene moment dus veel meer elektrisch gestimuleerd dan het andere. Dat heeft als voordeel dat mensen minder last hebben van nevenwerkingen, omdat op bepaalde momenten minder sterk gestimuleerd wordt.

»De gezondheidsautoriteiten in de VS en Europa hebben adaptieve DBS dit jaar goedgekeurd, en in het UZA zijn we er net mee begonnen. Het is een mooie ontwikkeling, maar er is nog veel onderzoek nodig voor we adaptieve DBS maximaal kunnen gebruiken.»

PARKIBOKS

HUMO Als mogelijke behandeling wordt ook naar stoelgangtransplantatie gekeken. Uit een recente studie van de Universiteit Gent bleek dat die een lichte verbetering van het beven en de stijfheid kan opleveren.

DIJKSTRA «Het is zeker een interessante piste. We denken dat de ziekte in de darmen kan ontstaan of dat het microbioom (de verzameling bacteriën, virussen, gisten en andere micro-organismen in onze darmen, red.) de ziekte kan blijven aanwakkeren. Als we de darmbacteriën met zo’n stoelgangtransplantatie resetten, zou dat een gunstig effect kunnen hebben op het verdere verloop van de ziekte.

»Het vermoeden bestaat dat de eiwitten die de ziekte veroorzaken, al in de darmen kunnen samenklonteren en via de nervus vagus (de hersenzenuw die de hersenstam met diverse organen verbindt, red.) in de hersenen raken. De darmbacteriën spelen daarbij mogelijk een rol. Die eiwitten zitten overigens niet alleen in de darm: ze zijn ook al in de speekselklieren en de zweetkliertjes teruggevonden.»

HUMO Onder meer in Nederland loopt een grote studie naar de invloed van het microbioom op de ziekte van Parkinson en andere neurogeneratieve aandoeningen.

DIJKSTRA «Eén van de sporen die worden onderzocht, is of we de ziekte kunnen afremmen door het microbioom te veranderen. Dat is een hypothese waar ik me zeker in kan vinden. We zien dat mensen maag- en darmproblemen krijgen als ze de ziekte wat langer hebben, wat natuurlijk een invloed heeft op hun medicatie, omdat die dan minder goed wordt opgenomen. Dat zouden we mogelijk kunnen verbeteren door de darmbacteriën aan te passen. Sommige patiënten hebben ook darmklachten lang vóór de eerste symptomen van de ziekte verschijnen. Ook dat kan op een verband wijzen.

»Ideaal zou zijn dat we in de toekomst bij mensen met maagklachten een bloedtest zouden kunnen afnemen waarmee we kunnen aantonen dat het om de ziekte van Parkinson gaat. Dan zouden we een behandeling kunnen opstarten die voorkomt dat de eiwitklontering zich uitbreidt naar de rest van de hersenen.»

HUMO Zit er ook nieuwe medicatie tegen parkinson in de pijplijn?

DIJKSTRA «Er lopen een aantal studies naar middelen die op de eiwitten zelf ingrijpen, en naar middelen die een invloed hebben op het ontstekingsproces dat door de eiwitopstapeling ontstaat. Soms zijn het nieuwe medicijnen, maar evengoed zijn het middelen die al op de markt zijn voor andere aandoeningen en waarvan we dus weten dat ze veilig zijn. Zo wordt onder andere het effect van GLP-1-agonisten bestudeerd, medicijnen voor de behandeling van onder meer diabetes, zoals Ozempic. Maar we verwachten niet dat dat de eerste jaren bruikbare middelen zal opleveren.»

HUMO Een andere mogelijke behandeling is met stamcellen. Die worden dan omgezet in zenuwcellen die dopamine produceren, en geïmplanteerd om afgestorven cellen te vervangen.

DIJKSTRA «Voor een deel van de patiënten en een deel van de klachten zou dat een mogelijke behandelpiste kunnen zijn. Maar ik denk wel dat de ziekte te complex is om ze enkel en alleen te kunnen genezen met stamcellen die met het dopaminesysteem verband houden.»

HUMO Ook een behandeling is sporten op voorschrift. Volgens professor neurologie Bas Bloem van het Radboud Universitair Medisch Centrum in Nijmegen is het effect zelfs vergelijkbaar met dat van medicatie.

DIJKSTRA «Bij dokters gaat het vaak over medicatie, maar niet-medicamenteuze adviezen zijn bij de ziekte van Parkinson vaak even belangrijk. We merken bij een groep patiënten dat, als bewegen wat moeilijker gaat, ze heel apathisch en depressief raken, en niet meer uit hun zetel komen. Dan gaan zowel de hersenen als de spieren op pauzestand staan en krijgt de ziekte helemaal de overhand. Bij patiënten die blijven sporten en mentaal en sociaal actief blijven, is het ziekteverloop over het algemeen milder. Het maakt dus wel degelijk een groot verschil.

»We raden patiënten ook altijd aan om kinesitherapie te volgen. Dat kan helpen om de conditie te verbeteren, evenwichtsproblemen te voorkomen of uit te stellen of de houding of het stappen te verbeteren. Tijdens de lockdown, toen al die ondersteunende therapieën stilvielen, hebben we ook gemerkt hoe belangrijk die zijn.»

HUMO Een populaire sport bij de behandeling van parkinson is boksen. In nogal wat boksclubs kun je ook aan parkiboks doen, bokstraining zonder contact speciaal voor patiënten met parkinson.

DIJKSTRA «Er worden meerdere sporten geadviseerd bij parkinson, vooral sporten die de spieren doen bewegen, maar die ook een zekere mate van ritme hebben. Het meest klassieke is salsadansen, maar boksen kan er ook heel goed voor zijn. Als je het in groepsverband doet, kan dat een bijkomend positief effect hebben. Je moet patiënten wel altijd een activiteit aanraden die ze zelf leuk vinden.»

HUMO Merkwaardig feit: roken zou het risico op parkinson verminderen. We verwijzen er maar naar omdat het op TikTok en andere sociale media een eigen leven is gaan leiden door allerhande niet noodzakelijk welingelichte influencers.

DIJKSTRA «Uit epidemiologisch onderzoek komt naar voren dat mensen die roken, op latere leeftijd minder vaak parkinson hebben dan mensen die niet roken. Het is heel moeilijk aan te tonen of dat verband echt causaal is. Een verslaving heeft een invloed op je dopaminesysteem: het zou evengoed kunnen dat bij mensen die een probleem hebben met dat systeem en uiteindelijk parkinson ontwikkelen, roken minder belonende stofjes vrijgeeft. Er zit dus wel een kern van waarheid in, maar het is zeker niet zo dat we roken of nicotine als een therapie voor parkinson zien, ook wegens alle andere negatieve effecten op het lichaam.»

FRUIT WASSEN

HUMO Volgens sommige experts is parkinson één van de meest complexe ziekten door de enorme verscheidenheid aan symptomen en de langzame progressie van de ziekte.

DIJKSTRA «Dat het om een zeer ingewikkelde aandoening gaat, staat vast, maar dat maakt de ziekte zo boeiend en uitdagend. Iedere patiënt is anders en heeft behoefte aan een ander soort behandeling. En het geeft veel voldoening als je met een gefinetunede behandeling iemands levenskwaliteit kunt verbeteren.»

HUMO Kunnen we zelf iets doen om het risico op parkinson te verminderen? Vier koppen koffie per dag zou bijvoorbeeld helpen.

DIJKSTRA «De afgelopen jaren zijn er wel studies verschenen over het beschermende effect van thee. Koffie heeft ook een effect, maar niet van die orde dat ik patiënten standaard adviseer om een paar koppen per dag te drinken.»

HUMO Er zou ook een link zijn tussen de consumptie van melk, meer in het bijzonder magere melk, en parkinson.

DIJKSTRA «Dat is mij niet bekend. We adviseren wel om dopaminemedicatie niet tegelijk met een melkproduct in te nemen, omdat de medicatie dan minder goed werkt.

»Omdat er toch een link met sommige bestrijdingsmiddelen lijkt te bestaan, is het zeker een goed idee om groenten en fruit goed te wassen, of vaker voor biologische producten te kiezen.»

HUMO En we zorgen ook maar beter voor hoofdbescherming en kijken uit bij sporten of andere activiteiten waarbij de hersenen stevige schokken te verwerken krijgen?

DIJKSTRA «Daar is gelukkig veel meer aandacht voor dan vroeger. Als mensen gaan skiën, dragen ze nu bijna altijd een helm. In België is de fietshelm ook al goed ingeburgerd. En er wordt gewerkt aan richtlijnen voor, bijvoorbeeld, koppen in het voetbal.»

HUMO Alles bij elkaar opgeteld, lijkt de kijk op parkinson toch flink veranderd.

DIJKSTRA «De afgelopen jaren is inderdaad almaar duidelijker geworden dat het niet alleen een ziekte van de hersenen is, maar van het hele lichaam. Dat inzicht heeft heel wat in gang gezet, ook qua mogelijke nieuwe behandelmethodes. We hopen natuurlijk dat het uiteindelijk tot een geneesmiddel leidt dat het ziekteproces kan afremmen of genezen.»